
Terwijl Pepijn al op veel jongere leeftijd met deze blokken speelde, een uitgesproken voorkeur had voor de groene cilinders, er torens mee maakte die hoger waren dan hemzelf, verschrikkelijk boos werd als hij de gewenste hoogte niet kon halen en hij de blokken prompt aan de kant zette toen hij het toren bouwen onder de knie had, zo speelt Floris nog maar net met de houten blokken.
Hij kiest heel bewust een blokje uit de zak en verspreidt de blokken minutieus over zijn speelplek uit. Hij bouwt dus eerder 'horizontaal' en een toren van meer dan 3 kleine blokjes zie je hem niet maken. Zijn favoriete blokken zijn de blauwe en de rode.

Zou je daar pedagogisch/psychologisch iets achter kunnen zoeken?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten